Meer ruimte voor de terrassen van de horeca als ze weer open mogen. Dat vraagt de VVD vanavond in een motie aan het college van B en W, maar dat vroegen de horeca-ondernemers zelf ook al weken geleden aan het gemeentebestuur. Gisteren kregen ze antwoord.

Tamara van Stroe, eigenaar van restaurant Il Bocconcino da Rimini is erg blij met de aankondiging dat op 1 juni de terrassen en het restaurant weer open mogen. "Als ondernemer wil je gewoon open en je gasten weer kunnen ontvangen. Nog fijner en belangrijker is de toezegging van een tweede steunpakket, aangezien dicht blijven met ondersteuning één ding is, maar straks open moeten met in veel gevallen maximaal een kwart van de normale capaciteit maar wel je normale kosten, zonder extra ondersteuning is echt een groot probleem."

Vooral blij met toezegging tweede steunpakket

Bovendien zijn er horeca-ondernemers in Weesp die nog steeds niet alle ondersteuningsregelingen hebben ontvangen, weet Van Stroe, die ook voorzitter is van de Horeca Ondernemers Vereniging Weesp (HOvW). "Uiteraard is iedereen blij dat we weer open kunnen, of de datum te vroeg of te laat is, dat zal de tijd moeten uitwijzen, en is afhankelijk van het pakket steunmaatregelen van de overheid. In ieder geval hebben we nu nog ruim drie weken de tijd om uit te vogelen wat er wel en niet precies mag, en je zaak daarop in te richten. Een duidelijk protocol is er nog niet echt afgegeven, we gaan de komende week gebruiken om dit uit te zoeken."

Passen en meten

Ook Corina Pieterse van café De Heksenketel is druk aan het nadenken over hoe dat moet straks. Het terras is voor een deel al uitgestald, om te passen en meten hoe het kan met anderhalve meter afstand tussen de tafeltjes. "Het is een dubbel gevoel. Natuurlijk ben ik superblij. Ik had al rekening gehouden met het doemscenario van 1 september, dus dit valt mee. We hebben een heerlijk terras, maar binnen... We hebben maar een klein cafeetje. We zijn gelukkig maar met zijn tweeën in de bediening, maar het blijft krap." Pieterse is nu alle opties aan het uitdenken. "Glas tussen de tafels en bij de bar, desinfecterende handgel voor de gasten, en misschien wel zo'n elektronische thermometer om te checken of mensen geen koorts hebben? Ik weet het nog niet precies. Ik ben wel nerveus, het voelt bijna alsof we weer voor het eerst opengaan. Halen we straks voldoende omzet om te overleven? Maar ik ben dolblij dat we weer open kunnen."

Moedeloos

"Ik word een beetje moedeloos, ik kan hier niets mee, net als veel van mijn collega's", is de reactie van Pieter Kors van café 't Helletje. De afgelopen weken zeer creatief om van deze tijd van gedwongen sluiting iets te maken. Door de donderdagse daghap thuis te bezorgen en met de popaire online bingo's. Maar opengaan in een anderhalvemetermaatschappij, hij ziet het niet zitten. "Ik kan dan zeven mensen binnen hebben, inclusief onszelf en buiten op het terras vijf gasten. En dan maar hopen dat ze flink wat biertjes drinken, maar daar dan niet vervelend van worden en zich niet aan de regels houden? Mensen kiezen er zelf voor of ze naar het café willen komen, ook als er niet voldoende afstand gehouden kan worden. Klaas Knot (president De Nederlandsche Bank, red,) heeft gezegd dat ondernemingen die zich niet aan de anderhalve meterregels kunnen houden al geen gezonde bedrijven waren. Nou, dat is de afgelopen 500 jaar anders altijd wel zo geweest, maar misschien heeft hij nu gelijk. Ik probeer mensen blij te maken, maar dat lukt niet zo." En dan gaat Kors weer snel de keuken in, want de daghap wordt ook vandaag thuisbezorgd. "En dat houden we voorlopig vol."

Brief

Al op 15 april vroegen de horeca-ondernemers verenigd in de HOvW in een brief aan de verantwoordelijke wethouders om extra ruimte als zij weer opengaan in een anderhalvemetermaatschappij. Dit als tijdelijke maatregel om de ondernemers in ieder geval in staat te stellen in de zomermaanden wat schade van de gedwongen sluiting in te kunnen lopen, al zal dat een druppel op een gloeiende plaat zijn, voegden ze daaraan toe.

Het antwoord kwam aan het einde van woensdagmiddag 6 mei, een paar uur voordat Mark Rutte in een persconferentie duidelijk maakte dat, als alles goed gaat, de horeca en de terrassen vanaf 1 juni weer open mogen.

Tijdelijk grotere terrassen kan, als omwonenden ook instemmen

Het college leeft ontzettend mee met iedereen die onder deze omstandigheden ondernemer is, begint het antwoord. Het voorstel om de bestaande terrassen tijdelijk meer ruimte te gunnen zodat er, met inachtneming van de anderhalve meter ruimte, toch evenveel tafels kunnen staan, kan op sympathie van de gemeente rekenen. Mits dit is afgestemd met buren en omwonenden en er in totaal niet méér tafels staan dan in de gewone situatie.

De terrassen in de zomermaanden juli en augustus een uurtje langer open laten blijven, dat wil de gemeente niet toestaan, in verband met de rust voor de omwonenden. Wel wordt het terrassenseizoen verlengd tot eind oktober in plaats van tot einde herfstvakantie. Die duurt tot 18 oktober, dus dat levert twee weken op. In een niet zo heel zeker seizoen als het gaat om lekker terrasjesweer. Bovendien zijn er ook horeca-ondernemers die nu al een terrasvergunning hebben voor het hele jaar, dus die hebben hier geen extra voordeel van.

Belastingen

De ondernemers vragen ook om aangevraagde vergunningen voor nieuwe terrassen sneller in werking te laten treden. Iets wat een lokale overheid niet kan honoreren, omdat deze is gebonden aan landelijke procedureregels. Tot slot vragen de ondernemers om de precariobelasting op de terrassen kwijt te schelden. Dit wordt betrokken in een plan om een noodbudget op te stellen dat nog deze maand aan de raad wordt voorgelegd. Er worden geen herinneringen of aanmaningen verzonden, maar, schrijft het college, 'voor de goede orde delen we u mee dat de verplichting tot betaling blijft bestaan.'

Het wordt een spannende zomer voor de horeca.