
Inbreken, stelen en laten liggen
De politie rijdt door mijn straat. De hele dag al. Er wordt namelijk ingebroken in onze kleine wijk. Ik heb geen camera’s. Die hebben de buren al. Daarop zien we de inbrekers. Morsige zwart-wit (infrarood heb ik mij laten vertellen) beelden met daarop gasten met muts en mondkapjes.
Er zijn er veel. Types bedoel ik. Het viel mij op dat ik erg veel leek op één van die nachtbrakers. Zelfde muts. Geen kleine platte stekkerneus. Zelfde chagrijnige blik (waarom loop ik om 02.25 uur nog buiten?).
Dus appte ik Thijs (echte naam bekend bij de redactie). Hij vond ook dat ik het was. Ik zette meteen recht dat ik het dacht. Niet vond. Maar hij had er vrede mee. “Zet mijn 6000 euro kostende fiets terug en het is nooit gebeurd.” Maar goed. Thijs is 3 weken naar Bali dus die ontvangt ongetwijfeld iets van geld terug. Niet van mij. Van de verzekering. Daarna wordt het nog gekker.
De inbrekers, zo weten we, verplaatsen zich van blok naar blok
In de middag zie ik in de wijkapp dat er overal losstaande fietsen worden gemeld. Eentje in de bocht voor het viaduct naar het bedrijventerrein. Twee bij de Weesperrijkschool. En nog een paar op de parkeerplaats bij het station. Ondertussen weten we van de camerabeelden dat de fietsenverzamelaars altijd komen shoppen tussen 02.00 en 02.30 uur. Dan is de politie er niet meer. Die rijdt alleen in de middag rondjes.
Sommige gevonden fietsen worden herkend door hun rechtmatige eigenaars. Andere verdwijnen alsnog na een paar uur in het gras te hebben gestaan (Hé! Een gigantisch dure fiets zonder slot?!). De inbrekers, zo weten we, verplaatsen zich van blok naar blok. Ik heb inmiddels de beroemde XL-Paintgun Deluxe besteld. Met 5000, u leest het goed, 5000 ballen. Deze bewaar ik in het vriesvak. Zodat ik mijn tweelingbroer snoeihard op zijn lichaam kan schieten als hij na de schuur van Thijs (oh nee, daar ben ik al geweest) míj́n opslagplaats gaat verkennen.
Dus mocht u de komende dagen een knappe jongeman tegenkomen met de uitstraling van een smurf (zonder witte muts): Ik Ben Het Niet!
De inbrekers, zo weten we, verplaatsen zich van blok naar blok