De koster van de kerk. Dan denk je misschien aan een wat stoffige meneer op leeftijd die naast de kerk woont, op zondag met een enorme sleutelbos naar de kerk schuifelt om de deuren te openen, de banken in de boenwas zet, het koper poetst. Kortom: op de kerk past. Het klopt wel een beetje. Koster Agnes woont naast de kerk, maakt schoon, zet de deuren wagenwijd open - niet alleen voor de zondagse dienst, maar ook voor evenementen en mensen die niet 'van de kerk' zijn - en zorgt dat alles reilt en zeilt. Maar oud en stoffig, nee, dat kun je haar niet noemen.

Na tien jaar is het tijd om het stokje over te dragen. Voor Agnes en haar man Renze betekent dat meer dan een andere baan. Het betekent ook verhuizen uit de kosterswoning. Dat ze per 1 januari zou stoppen met haar werk als koster stond al een hele tijd vast. Niet omdat het niet meer leuk was, maar juist omdat het nog zo ontzettend leuk is.

Stapje terug

Wat niet gepland was, was dat zij nu al een stapje terug heeft moeten doen. Tijdens een weekendje weg met familie werd ze ziek. Een zwaar been en een zware arm. "Ik mopperde dat de huurfiets zo'n hoge opstap had en mijn zus zei al verbaasd dat die echt niet anders was dan mijn fiets thuis. Gaat wel over, dacht ik. Maar dat ging het niet. Ik heb de volgende dag toch maar even mijn dochter Emma gebeld die verpleegkundige is en die zei dat ik direct een dokter moest bellen. Bleek het een herseninfarct. Gelukkig is de kans op herstel 100% en daar ga ik voor." Dat ze de signalen niet herkende, als oud-verpleegkundige nog wel, zit haar het meest dwars. "Daarom ben ik er ook open over. Ik hoop dat andere mensen zo leren dat er meer signalen zijn van een herseninfarct dan een verlamming, een scheve mond en slecht kunnen praten."

Weesp

En dan gaat het snel over andere dingen. Want stil blijven staan bij wat er gebeurd is, daar voelt ze niks voor. Agnes werd in 1958 geboren in een van de houten huisjes aan de Utrechtseweg.

'Op mijn elfde verhuisden we terug naar Weesp'

"Ze zijn er nog steeds, maar toen ik een jaar of vijf was stonden ze op de nominatie om gesloopt te worden. Mijn vader werkte bij Werkspoor en kon een huis krijgen in Zaandam. Daar woonden wij tot ik elf was: mijn ouders, twee zussen en ik. Mijn moeder had enorme heimwee naar Weesp en dus verhuisden we terug. Ik vond het toen best lastig om mijn vriendinnen achter te laten. Ik had geluk: de stoerste jongen van de klas waarin ik in Weesp terechtkwam, steunde me vanaf dag één. Het heeft mij er jaren later wel van weerhouden om naar Frankrijk te emigreren toen onze dochter diezelfde leeftijd had. Ik weet hoe het voelt."

Verpleegkundige

Agnes werd verpleegkundige. Dat had wel wat voeten in de aarde. "Ik begon als keukenzuster in het Diaconessenziekenhuis in Naarden. Het was een heel andere tijd. Je sopte de bedden nog zelf. En de nachtkastjes, waarbij je vooral de onderkant niet mocht vergeten, anders kon je rekenen op een fikse preek van de hoofdzuster: een instituut was dat. Ik had eerst de opleiding voor verpleegkundige gedaan, maar daarvoor was ik gezakt. Dat kwam eerlijk gezegd wel doordat ik te veel van mijn vrijheid en het leven genoot in het zusterhuis waar ik was gaan wonen. Ik was pas 17 toen ik begon en had mijn moeder wijsgemaakt dat het verplicht was om intern te gaan. Toch was ik ervan overtuigd dat ik het kon en daarom ben ik later opnieuw met de opleiding begonnen. Ik begon als oudste van de groep, 28 was ik. En het lukte."

'Wat zo leuk is, is dat mijn dochter Emma ook verpleegkundige is geworden'

Er veranderde veel. Agnes leerde Renze kennen en ze trouwden. Vlak voordat ze haar diploma op zak had, werd in 1990 dochter Emma geboren. "Wat zo leuk is, is dat Emma in mijn voetsporen getreden is en ook verpleegkundige is geworden. Ik ben uiteindelijk wel een andere kant op gegaan. Er was inmiddels zo veel veranderd in het werk als verpleegster, vooral al die administratie die veel tijd in beslag nam, dat ik besloot iets anders te gaan doen." Agnes werkte een paar jaar in het Geboortecentrum van verloskundige Beatrijs Smulders in Amsterdam, in die tijd beroemd om haar boeken over 'Veilig bevallen'. Daarna werkte ze met autistische jongeren die begeleid woonden in een huis van Philadelphia in Weesp en werkte ze in de uitvaartzorg als chauffeur en algemeen medewerker met het voornemen om zelf uitvaartbegeleider te worden.

Koster

Maar dat liep anders. Agnes zag de vacature voor koster van de Grote Kerk. "Ik voldeed eigenlijk aan alle eisen, alleen niet dat je ook technisch moest zijn. Ik kan nog geen stopcontact aanleggen." Het bleek geen belemmering. Blijkbaar gaf al die ervaring in de verschillende banen haar de nodige bagage. En voor die technische klusjes bleek ze een beroep te kunnen doen op een heel team vrijwilligers en niet te vergeten echtgenoot Renze. "Het kostte Renze nog wel even wat bedenktijd, want we moesten natuurlijk ook verhuizen naar de kosterswoning, terwijl we een prima huis hadden. We bekeken de woning in oktober: het was een heel donker huis. Maar hij ging toch overstag."


Van de kosterswoning is het alleen even oversteken naar de kerk.

De kosterswoning is een licht en gezellig huis geworden met een, voor Weesper begrippen, ruime tuin achter. Het carillon kun je hier goed horen. Dat van dat beeld van een oudere heer als koster, heeft Agnes vaak, lichtelijk verbaasd, van mensen te horen gekregen als ze haar voor het eerst ontmoetten. 

'Vóór mij waren er al twee vrouwen koster. Mevrouw Uitterdijk was een begrip'

"Terwijl er vóór mij al twee vrouwen koster geweest zijn. Mevrouw Uitterdijk zelfs veertig jaar lang. Zij was echt een begrip. In haar tijd was het hard werken. Op vrijdag al kolen scheppen en de kachels en de stoofjes vullen. Voor de rijke mensen waren er gereserveerde plekken. Ongeveer tien minuten voor de dienst begon, ging er een belletje en mochten de 'gewone' mensen die plekken innemen. Als de rijke mensen dan toch nog kwamen en deze mensen weg wilden sturen, verwees mevrouw Uitterdijk ze onverbiddelijk naar de banken die nog vrij waren. Zij woonde nog in de kosterswoning die tegen de kerk aan stond en was later de eerste bewoonster van dit huis. Na haar kwam Marjan Voskuil, en daarna haar man Theo." Agnes nam het werk over van de volgende koster, wel een man overigens: Sake Stavast.

De deuren open voor iedereen

Trots is ze op het kerkbestuur dat de deuren van de kerk heeft opengezet voor iedereen, ook voor mensen en evenementen die niet 'van de kerk' zijn. "Voor ik koster werd was ik al lid van de kerkenraad. Wij kregen weleens het verwijt dat we een gesloten enclave waren en dat trokken we ons aan. We wilden het gebouw juist voor iedereen openstellen. Zo kan nu ook het burgerlijk huwelijk bij ons in de kerk worden gesloten."

'De kerk staat ook open voor het sluiten van homohuwelijken. Een geweldige beslissing'

"Weet je waar ik vooral trots op ben? Dat de kerk ook openstaat voor het sluiten van homohuwelijken. Een geweldige beslissing. We hebben openheid en gastvrijheid hoog in het vaandel staan. We wilden de drempel verlagen, zodat er ook mensen binnenkwamen die nog nooit in de kerk waren geweest. En dat is gelukt. Toen ik net koster was, kregen we het verzoek voor ligconcerten in de kerk. Dat was wel heel iets anders dan we gewend waren. Ik zag het helemaal voor me, maar ik moest het nog verkopen aan de kerkrentmeester. Spannend was het wel. Hoe zou het uitpakken met die grote gongs? Het is helemaal goed gegaan. Voor het Korenfestival zijn we dit jaar al voor de 20e keer de hoofdlocatie. En het diner voor Pink Ribbon een paar jaar geleden: dat begon heel klein, maar ontaardde in iets gigantisch. Een fantastisch evenement."

Cultuuromslag

Niet alleen de kerk, ook het Lichthuis aan het Waagplein wordt verhuurd. "Het raakt steeds meer bekend dat dat kan. Clubs houden er vergaderingen en er zijn feestjes - maar niet later dan 23.00 uur, er wonen veel buren omheen. De schaakclub had vorige week weer het jaarlijkse schaaktoernooi bij ons. Natuurlijk, de verhuur helpen ook mee om de kerk voor de Protestantse Gemeenschap te kunnen behouden. Maar het was wel een cultuuromslag. Drie heel verschillende kerkgemeenschappen kwamen samen in de PKN bij de kerkenfusie. De weg ernaartoe was heftig, maar nu hebben we het heel goed met elkaar. Een kopje koffie drinken in de kerk? Dat kon bij de een in het verleden echt niet en de ander was dat zo gewend. Na de kerkenfusie gingen we dat ook hier in de kerk doen, hoewel er misschien nog steeds wel mensen zijn die vinden dat bijvoorbeeld een boekenmarkt niet hoort in een kerk. Er is wel een regel: zondag is er zondagsrust en dan verhuren we de kerk niet. Natuurlijk, als koster werk ik dan wel. Maar dat is nooit een straf geweest. Ik ga graag naar de kerk."

Zondagsrust

Dat is wel even anders dan Agnes van huis uit gewend was. "Mijn ouders waren daar heel duidelijk in. We mochten best iets doen op zondag, maar niets waardoor andere mensen voor ons zouden moeten werken. Dus wel zwemmen in de Vecht, maar niet in het zwembad. En geen ijsje kopen bij Nelis: mijn moeder maakte zelf wel ijs voor op zondag. Als koster zijn de zondagse diensten natuurlijk je corebusiness. Een keer per maand ben ik een weekend vrij. Nee, dan ga ik ook niet op zondag naar de kerk, want je wordt dan toch aangesproken als koster. December is een drukke maand: het Korenfestival, de kerstviering van de Van der Muelen Vastwijkschool, de Christmas carols en alle speciale kerstdiensten", somt Agnes op. Juist in deze maand begon ze tien jaar geleden. "Het was veel en enorm spannend. Ik ben tien kilo afgevallen. Maar ik zat er wel meteen lekker in."

Meedenken

Als koster denkt Agnes ook mee met de organisatie van diensten en evenementen. "Het is leuk om te zien hoe verschillend de bruidsparen zijn. Sommige heel relaxed, andere met een draaiboek tot op de minuut. De een huurt een bedrijf in om de hele kerk te decoreren, het andere stel houdt het bij hier en daar wat bloemen. Heel eerlijk, persoonlijk vind ik dat het mooist. Het gebouw is natuurlijk al prachtig van zichzelf. Maar tot op zekere hoogte mag er veel. Gelukkig kan ik een beroep doen op de technische groep. En ook nog eens op een team van ongeveer tien vrijwilligers die hulpkoster zijn. Daarnaast is er nog een stoelenploeg die razendsnel wel 450 stoelen neer kan zetten en weer opruimen, en een podiumploeg."

'Het gebouw is natuurlijk al prachtig van zichzelf, maar tot op zekere hoogte mag er veel'

"Je moet als koster creatief zijn, logistieke oplossingen verzinnen. En ik ben wel verantwoordelijk voor de veiligheid in de kerk. Daar ben ik streng in. Er moeten altijd vrije looppaden zijn, de nooduitgangen goed bereikbaar en er mogen niet meer dan 600 mensen tegelijk in de kerk zijn. Dat is nog weleens lastig. Het Korenfestival is steeds groter geworden bijvoorbeeld, maar het heeft gelukkig nog nooit problemen opgeleverd. Of Ghanese bruiloften. Dat is echt een happening, een geweldig feest, de gastvrijheid is grenzeloos. De eerste keer werden we nog een beetje verrast door de enorme hoeveelheid gasten, bij de tweede bruiloft hebben we duidelijke afspraken gemaakt over hoeveel mensen er naar binnen konden, waren er verkeersregelaars geregeld, noem maar op. Het verliep prima."

Mooie, bijzondere momenten

Het leukste aspect aan haar werk? "Dat zijn toch wel alle mensen die je leert kennen als koster. Zo veel leuke, enthousiaste mensen." 

'Pas als iedereen de kerk uit is, en de deur dicht, dan komen de emoties'

"Wat ook mooi is aan mijn werk: ik ben aanwezig bij mooie, bijzondere momenten. Rouwdiensten kunnen heel heftig zijn. We zitten met de vrijwilligers na afloop ook altijd even bij elkaar. Tijdens een dienst ben ik aan het werk, maar moet ook weleens een traantje wegpinken. Je mag iets meemaken dat eenmalig is, dat nooit meer overgedaan kan worden. Daar ga je voor en de adrenaline stroomt dan ook aan alle kanten. Pas als iedereen de kerk uit is, en de deur dicht, dan komen de emoties."

Er mag geleefd worden

Leuk al die mensen over de vloer en grote evenementen, maar de koster is natuurlijk wel de bewaarder van een bijzonder en zeer oud gebouw. "Er mag geleefd worden, al zijn er natuurlijk wel regels, net als in een huis. Maar het gebouw doet iets met mensen, waardoor ze voorzichtig zijn en rustiger worden. Zo hadden we eens een bruiloft waar veel mensen van een motorclub te gast waren. Die arriveerden met veel lawaai, maar zodra ze de kerk binnenkwamen, werden de helmen neergelegd en daalde de rust neer."

Na 1 januari

Nog een paar weken, dan zit Agnes' werk als koster erop. Per 1 januari stopt ze. Was het tijd? "Ik ga niet weg omdat het geen leuke baan is! Maar het vraagt wel veel van je. Je werkt bijna alle weekenden, alle feestdagen. Privé ga je dat merken. Ik stop bewust op een hoogtepunt, voordat ik het niet meer leuk vind." Opgeruimd en weggegooid zal er moeten worden, want Agnes en Renze gaan kleiner wonen. Expres, want ze willen veel gaan reizen na de verhuizing. "Vooral naar onze favoriete stek: een pipowagen op een kleine camping in Frankrijk. Daar komen we altijd vanaf het eerste moment compleet tot rust. En we kijken er ook erg naar uit om meer tijd met onze dochter Emma en haar vriend Dries door te brengen. Ik zal ook wel weer iets gaan doen, maar geen werk meer waarbij ik op feestdagen altijd moet werken."

Kom je nog wel naar de kerk straks?
"Ik kom na 1 januari zeker nog naar mijn kerk. Ik heb ook al een nieuwe plek bedacht. Als koster zit ik altijd met mijn gezicht naar het orgel. Het vak ertegenover lijkt me heel mooi."

'De stilte, de lichtval in het koor. Dat is zo mooi'

Wat ga je missen?
"Om alleen in de kerk te zijn. De stilte, de lichtval in het koor. Dat is zo mooi. Als er een dienst of evenement geweest is, maak ik altijd nog even een laatste rondje om te kijken of alles goed is. In het begin deed ik dan alle lichten aan als het laat was, maar dat doe ik allang niet meer. Het gebouw kraakt en piept, maar eng is het niet. Je voelt altijd een soort nabijheid. Ik geloof, en voor mij is dat God. Voor anderen zal het iets anders zijn. Er zit zo veel historie in het gebouw, dat voel je."