
Droomland
MensenDe columns van ons vaste schrijverskwartet zijn nu voor iedereen gratis online te lezen. Deze week soest Stephanie Prinssen over MacGuffins.
Na het zien van de nieuwste Indiana Jones - de laatste (?) in de welbekende serie avonturenfilms over deze charmante waaghals, die dit keer op zoek naar het mysterieuze voorwerp de Antikythera even terloops tijdreist als schijnbaar achteloos een stamp raadsels oplost- soesde ik op mijn tuinterras na in mijn hangmat en ineens wist ik het zeker. Die door magneetvisser Roos aangetroffen urn in de Vecht was niet zomaar een (per ongeluk?) bij het uitstrooien van de as van een dierbare te water geraakt inhoudelijk voorwerp. Nee, het was net als dat mysterieuze object uit die Jones-film een MacGuffin. Oftewel een raadselachtig ding dat een spannend verhaal aanzwengelt, bijvoorbeeld als begin van een zinderende zoektocht. Om dáár een bliksemstart mee te maken, voorzag ik -loom wiegend in de zon- de maneetvisurn in gedachten van magische krachten. Waardoor je na drie keer wrijven over de deksel door de ogen van de laatste bewoner van dit wel zeer compacte tiny house kon kijken.
Vol spanning en sensatie probeerde ik het uit, maar je reinste horror viel mij ten deel. Geprojecteerd op het Bassiescherm op de binnenkant van mijn ogen drongen onheil en ijzingwekkende wreedheden zich als een film aan mij op. Rampspoed in de overtreffende trap, zeg maar én in een moordend tempo waarbij de doos van Pandora bleekjes afstak. Links doemden direct de angstaanjagend hoge torens van Manhattan aan de Vecht al op en rechts droop de rosse buurt van verloedering in het door aflopend toerisme verpauperde centrum. In de ooit lieflijk bewaterleliede gracht dreven stinkende lijken en geniepig huichelachtige sinkholes verzwolgen hele nieuwe wijken. En overal, echt overal zaaide een bloedhete woestijnwind dood en verderf en bracht met die schroeiende adem tevens snoeihard de hit Droomland van Hazes & De Leeuw voort.
Droomland? Een nachtmerrie zal je bedoelen! Badend in het zweet schrik ik wakker, en hoor de bewoners van een sloepje luidkeels zingend voorbijvaren. Ik kijk op de klok: twee uur later! Nou ja, zeg. Heeft die verdraaide Weesper urn mij naast een angstige tijdreisdroom ook nog een klinkende oorwurn bezorgd. Kom ik hier ooit nog van af?
Copywriter Stephanie Prinssen is altijd in voor het schrijven van een creatieve tekst én werkt in de communicatie bij een non-profitorganisatie. Volgende week op deze plek: huisarts Hans Burggraaff.















