Waar was je in de nacht van vrijdag 27 mei 2011 op zaterdag 28 mei 2011?
"Eh... geen idee. Hoezo?"

Toen dook Francien van Anshem nog op in het hoorspel 'Wurgkoord', naar jouw gelijknamige boek. Maar daarna is er nooit meer iets van haar vernomen. Enig idee wat er gebeurd kan zijn? 
"Nee, ik ben haar een beetje uit het oog verloren." Dan lachend: "Maar aangezien ik zelf ook ervaring heb met werken bij de politie, vermoed ik dat ze met een burn-out thuis zit."

Bert Muns (59) vertelt dat Francien hier en daar nog weleens opduikt, maar vooralsnog niet in een nieuw verhaal: "Kort voor de corona-uitbraak hebben we De Sluipschutter opgenomen, ook een hoorspel naar een Francien van Anshem-boek. Dat is niet slechts een kwestie van toestemming geven, ik ben ook echt bij de uitwerking betrokken. Sterker nog: ik speel zelf ook mee, hartstikke leuk. En ik kan dan ook meteen tips geven. Een hoorspel is iets heel anders dan een luisterboek, er moet een apart script voor geschreven worden. Dan zie ik soms iets staan waarvan ik denk: dat zouden politieagenten in het echt nooit tegen elkaar zeggen. Dat kunnen we dan nog een beetje aanpassen. Dat nieuwe hoorspel had al uit moeten zijn, maar door de corona-uitbraak heeft het project vertraging opgelopen. De hoesjes liggen al klaar, maar zie in deze tijd maar eens iemand te vinden om al die cd'tjes te persen." 

Roodharige hoofdagent

Francien van Anshem was de hoofdpersoon in Muns' eerste misdaadthriller Verkeerde vrienden, dat in 1994 verscheen. Achtereenvolgens dook de roodharige hoofdagent op in De sluipschutter (1996), Vormfout (1998), Grensgeval (1999), Bevroren tegoed (2000) en Wurgkoord (2003). "En toen was ik een beetje klaar met haar. Dat kwam ook omdat er waargebeurde verhalen op mijn pad kwamen. Hierdoor verdween het schrijven van fictie naar de achtergrond. Soms kriebelt het. Misschien komt ze nog een keer opdagen, maar ik beloof niks." 

Het Rembrand Complot
Speciaal vanwege het feestjaar Weesp 650 in 2005 schreef Bert Muns samen met journaliste Carmen Verheul Het Rembrandt Complot, een thriller die zich afspeelt in Weesp. De feestelijkheden rond het 650-jarig bestaan lopen uit op een nachtmerrie als het wereldberoemde schilderij Gezicht op Weesp van Rembrandt op klaarlichte dag door drie gewapende mannen wordt geroofd uit het stadhuis. Welke rol speelt de organisator van de tentoonstelling, en waarom praat hij ineens niet meer met de wethouder? Heeft de Amerikaanse eigenaar van het schilderij het zelf laten stelen om de uitkering van de verzekering op te strijken? De politie is het spoor al snel bijster, maar journaliste Mara Miltenburg van het Weesper Dagblad bijt zich in de zaak vast en laat niet meer los, zelfs niet als ze met de dood bedreigd wordt. Het Rembrandt Complot werd destijds uitgegeven door Enter Weesp, ook de uitgever van WeesperNieuws Extra.

Ghostwriting: boeiende verhalen optekenen van mensen die zelf geen vlotte pen hebben

Na het laatste Francien-boek begon de Weesper met ghostwriting, het optekenen van boeiende verhalen van mensen van wie de eigen pen niet vlot genoeg is. Dit leverde Muns tal van bijzondere boeken op, maar hij staat zelf lang niet altijd op de omslag. Met Anna Meijerink schreef hij Vlucht uit het land van de vrijheid over haar leven in een sekte en hoe ze daar uiteindelijk aan wist te ontsnappen. Met Esther Schenk maakte hij Straatwaarde, waarin zij vertelt over haar heroïneverslaving, tippelen en hoe ze daar uit wist te komen. Het boek Spoedgeval bevat waargebeurde verhalen van Jos Barlag, die 35 jaar lang als ambulancebroeder voor de Amsterdamse GGD werkte en ook reed op de methadonbus, de lijkenwagen en de ‘rijdende psychiater’. In 2012 verscheen onder zijn eigen naam nog een fictieve roman, maar dan wel met een heel actueel thema: De Vrouwenfabriek. Het gaat over een jonge weduwe uit Moldavië die in handen valt van mensenhandelaars. 


Daarna was het een paar jaar stil. Na al die waargebeurde verhalen vond Muns het steeds moeilijker worden om zelf iets te verzinnen: "De waarheid overtreft de fictie vele malen. Het is heel leuk om zelf een spannend verhaal in elkaar te zetten, maar ook ingewikkeld. Dan moet je wel echt een héél goed idee hebben. En net als er dan iets begon te borrelen, kwam er weer een boeiend ghostwriting-project op mijn pad." In augustus verschijnt De Wijkagent; daarin tekent Muns op wat de inmiddels gepensioneerde politieagent Jan Schoenmaker zoal meemaakte in al die jaren dat de Utrechtse tippelzone zijn werkgebied was. "Het grappige is dat ik hem eigenlijk al enorm lang ken. Ik ben namelijk opgegroeid in de Utrechtse wijk Kanaleneiland, waar Jan toen al werkzaam was. Een van mijn fietsroutes naar school was de Europalaan, waar later die tippelzone zou komen. Ik heb dus echt wel wat met die omgeving." Later, toen Muns bij Politie Amsterdam was gaan werken, bracht een collega die overgestapt was van Amsterdam naar Utrecht Muns in contact met Jan Schoenmaker. De Weesper besefte al snel dat de markante wijkagent een wandelende schatkist aan bijzondere verhalen was. 

Rode draad

Toch zou het nog jaren duren voor hij Schoenmakers memoires zou schrijven: "Hij heeft zelf eerst een andere kandidaat aangeleverd, namelijk Esther Schenk van het boek Straatwaarde. Zij was een van de tippelaarsters voor wie hij zich hard gemaakt heeft. Jan zit vol bizarre en soms ook hilarische verhalen, maar wat als een rode draad door zijn carrière loopt is zijn inzet om meisjes uit de greep van mensenhandel en harddrugs te redden - of er op zijn minst voor te zorgen dat ze zo veilig mogelijk waren."

'Er wordt nogal wat in je handen gelegd. Daar komt veel vertrouwen bij kijken'

Vele, vele uren heeft Muns de voormalige Utrechtse wijkagent geïnterviewd. De ene keer reed hij naar Utrecht, de andere keer reed Jan Schoenmaker naar Weesp. "Onze voorgeschiedenis hielp, dat maakte het makkelijker om de juiste vragen te stellen. Natuurlijk wist ik nog niet precies waar het heen zou gaan, maar ik wist al wel welke thema's absoluut niet mochten ontbreken in het boek. Soms kost het meer tijd, dan moet je eerst een band opbouwen voordat iemand echt openhartig durft te zijn. Dat bereik ik door zelf ook openhartig te zijn - dat doe jij als journalist soms vast ook om het echte verhaal boven water te krijgen." Ghostwriting is een intensief proces; met alle verhalenvertellers heeft de Weesper dan ook nog steeds een goed contact en in een aantal gevallen heeft de samenwerking zelfs tot een vriendschap geleid. "Er wordt ook nogal wat in je handen gelegd. Daar komt veel vertrouwen bij kijken. Je hebt urenlange, diepgaande gesprekken en trekt veel met elkaar op. En als het boek er eenmaal is, volgt er een hectische periode met presentaties en interviews waar je samen heen gaat. Het is heel intensief, er ontstaat echt een band. Natuurlijk wordt dat contact op een gegeven moment weer minder, zeker als een nieuw verhaal zich aandient en je met een ander persoon weer datzelfde proces in gaat."


De Wijkagent moet dinsdag 11 augustus verschijnen. Het boek kan al worden gereserveerd bij Pezzi Pazzi in de Slijkstraat. Of er in deze boekhandel of elders in Weesp een presentatie kan plaatsvinden, is vanwege het coronavirus nog maar de vraag. "Ik zou het wel heel leuk vinden. Ik dacht zelf dat mijn lezers me een beetje vergeten waren, omdat het al best weer een tijd geleden is dat ik iets gepubliceerd heb. En bij wat er verschijnt staat mijn naam niet op de cover. Dat is het lot van een ghostwriter, hè? Dat vind ik niet erg trouwens, ik ben vooral heel blij en dankbaar dat ik deze bijzondere verhalen mag opschrijven. Maar toen ik van de week bekendmaakte dat er eindelijk weer een nieuw boek op komst is, kreeg ik binnen korte tijd ontzettend veel leuke reacties. Dat deed me echt wel wat!" 

Nooit duimen draaien

"Wat er hierna komt? Ik ben wel alweer met wat dingen bezig. Ik ben altijd met dingen bezig. Maar over volgende boeken of projecten kan ik nu nog niks zeggen, dat is nog te prematuur." Is er een onderwerp waar hij graag nog eens over zou willen schrijven? "Niet per se, ik laat het altijd op me afkomen. Ik moet vaker mensen teleurstellen dan dat ik duimen zit te draaien. Het is niet denigrerend bedoeld, maar soms komen mensen met een verhaal - dat hun grootvader in het verzet heeft gezeten bijvoorbeeld - en daar loop ik niet warm voor. Er zijn al zo veel van dat soort boeken. Iedereen heeft een verhaal, maar dat hoeft niet per se een boek te worden. Als iemand zijn verhaal doet, moet ik meteen dat boek voor me zien. Zie ik dat niet, dan houdt het op." 

Werken in het Cold Case-team: 'Elke zaak is een boek op zich'

Nu moeten we er ook even bij zeggen dat Bert zich niet bepaald hoeft te vervelen. Hij werkt al veertig jaar bij de politie, waarvan 24 jaar op het Bureau Mediatoepassing, waar hij films voor en over de politie maakte. Sinds twee jaar maakt hij deel uit van het Cold Case-team van de Amsterdamse politie, met als specialiteit het digitaliseren van oude media. Het Cold-Case-team onderzoekt onopgelost levensdelicten en andere zeer ernstige misdrijven. Boeiend werk, erkent hij: "Elke zaak is eigenlijk een boek op zich." 


Brian Elings